Nieuw boek over Samuel van Hoogstraten

Presentatie boek over Samuel van Hoogstraten in Rembrandthuis 

Op 23 juli 2013 wordt een belangrijk nieuw boek over de zeventiende-eeuwse schilder en schrijver Samuel van Hoogstraten gepresenteerd in Museum het Rembrandthuis.

In het boek “The Universal Art of Samuel van Hoogstraten (1627-1678), Painter, Writer, and Courtier” (ed. Thijs Weststeijn en uitgegeven door de Amsterdam University Press), is een aantal bijdragen van kunsthistorici met de nieuwste inzichten over leven en werk van Samuel van Hoogstraten gebundeld.

Michael Zell, kunsthistoricus aan de Boston University, houdt een inleiding over de mogelijkheid dat schilders als Rembrandt en Van Hoogstraten eigen kunstwerken schonken met het doel relaties met potentiële opdrachtgevers te onderhouden en langs deze weg nieuwe opdrachten te verwerven.

Het programma duurt van 15.00 tot 17.00 en het rijk geïllustreerde boek zal alleen bij deze gelegenheid met korting te koop zijn (winkelprijs 99 euro). Belangstellenden voor de presentatie kunnen zich melden bij Thijs Weststeijn (thijs.weststeijn@uva.nl).

De Stichting Familie van Hoogstraten heeft bijgedragen aan de realisering van het boek.

Jaarboek Die Haghe

De bibliotheek van de familiestichting is verrijkt met de schenking van het Jaarboek Die Haghe van 2012. Hierin staat het artikel ‘Een Dordtse doffer door een Haagse joffer geringd. Jan van Hoogstratens afrekening met professor Salomon van Til en zijn tweede echtgenote, Agatha Catharina van Molenschot’.
Elly Groenenboom-Draai schenkster en auteur van het artikel laat zien dat twee anonieme gedichten die in 1698 verschenen in een uitgave Schimp- en hekeldichten geschreven zijn door Jan van Hoogstraten (1662-1736).
Jan hekelt daarin de Dordtse ‘swartrok’ (dominee) Salomon van Til die in 1697 vlak na het overlijden van zijn echtgenote Agatha van Molenschot huwde, een Haagse oude vrijster met bedenkelijke reputatie. Het zijn twee buitengewoon venijnige satires die nog lang herdrukken zouden beleven. Dankzij knap speurwerk wordt veel van de context duidelijk, alleen helaas niet wat de directe aanleiding was voor het maken van beide hekeldichten. Groenenboom-Draai veronderstelt dat het gaat om wraak en dat het haast niet anders kan dan dat dominee Van Til zich publiekelijk kritisch over Jan had uitgesproken, mogelijk in verband met diens evenmin onberispelijke levenswijze.
Veel valt te reconstrueren, maar natuurlijk lang niet alles van wat voor de eigentijdse lezers wel gesneden koek was.

Een Geyt bedrogen

Dirk van Hoogstraten (V) was behalve zilver en goudsmid ook schilder. Zijn zoon Samuel (V-a) vertelt het volgende verhaal:

Het gebeurde dan, dat mijn vader vader Theodoor in een Bacchanalia een geit naar het leven schilderde, die ik, nog zeer jong zijnde, voor hem vast hield, met behulp van touwen en koorden, om haar in bekwamen stand te houden, ‘t welk ik met grooten arbeid ten einde toe uithield.

Maar de geit bijna geschilderd zijnde en mijn vader het stuk, dat al redelijk groot was, uit de hand zettende, om hetzelve eens van verre te zien, zoo geviel het, dat de geit bij geval de geschilderde ook gewaar werd, waarover zij, als in gramschap uitbarstende, uitspatte. Breekende de touwen, en mij ter aarde werpende, vloog ze met zulk een geweld tegen de hoornen van haar geschilderde zuster aan, dat zij het doek doorscheurde en de schilderij bedierf, tot verdriet van hem, die zijn vlijt daaraan zoo loffelijk had betoond.
(Inleiding to de schilderkunst blz. 170)

Begijnen in Hoogstraten

Van 4 augustus tot en met 23 december 2012 loopt in het Stedelijk Museum Hoogstraten een tentoonstelling over het leven van de begijnen in Hoogstraten. Het is dit jaar 40 jaar geleden dat de laatste begijn, kosteres Joanna Van den Wijngaard, naar het rusthuis ging en er hetzelfde jaar stierf. Van de stichting van het begijnhof in de veertiende eeuw tot 1972 leefden meer dan 1300 begijnen. Omringd door een lange muur leefden ze in de geborgenheid. Het begijnhof was een wereld op zich: de doorsnee Hoogstratenaar werd afgeschermd van het leven op het hof.

Voor meer informatie over deze tentoonstelling, klik op onderstaande afbeelding:

Leven op het Hof

 

Schenking negentiende-eeuwse archiefstukken Sytze Wierda

Sytze Wopkes Wierda (1839-1911), architect bij de Nederlandse Spoorwegen, vertrok in 1887 naar Zuid-Afrika. Zijn dochter Hinke huwde in Pretoria in november 1901 Coenraad Jacob Gerbrand van Hoogstraten (1871-1963). Nazaten van dit echtpaar hebben drie documenten aan het Familiearchief-Van Hoogstraten geschonken. Het gaat om zijn door de Zuid-Afrikaanse president Paul Kruger ondertekende aanstelling op 1 oktober 1893 tot “Hoofd van Publieke werken en Gouvernements Ingenieur en Architect” en een 25 april 1894 gedateerde verklaring dat Wierda gekozen is tot “Honorary member of the South African Association of Engineers and Architects”.

Het derde stuk betreft zijn hier afgebeelde portret, dat in 1894 in een tijdschrift werd gepubliceerd en waaronder zijn functies staan genoemd: “Chief of Public Works, member Royal Institute of Engineers at het Hague, and Vice-President of the South African Association of Engineers and Architects at Johannesburg”. Een park in Pretoria is naar hem genoemd.

Overlijden Guus van Hoogstraten

Op 23 april 2012 overleed onze neef Guus van Hoogstraten, na een ziekte die hem jarenlang aan huis bond.

Vanaf de oprichting van onze Stichting Familie van Hoogstraten, in 2004, was Guus van Hoogstraten daarvan bestuurslid, tweede secretaris om precies te zijn.

Achteraf bezien kon de betiteling “tweede secretaris” niet beter gekozen zijn. Tijdens vergaderingen sprak Guus weinig en ook op andere momenten trad hij niet op de voorgrond. Hij deed het werk dat hij voor de Stichting belangrijk vond in stilte, onopgemerkt haast.

Guus beschikte over een bijzondere combinatie van vaardigheden. Als automatiseringsdeskundige zette hij de website op waarop u nu dit bericht leest. Guus hield de genealogie van de familie up-to-date en beheerde de bibliotheek van de stichting. Verder bleken zijn studie Franse taal- en letterkunde en zijn jarenlange werk bij het Leidse antiquariaat AioloZ van Piet van Winden van groot nut bij het maken van de inventaris van het familiearchief. Die inventarisatie was nodig om het archief onder te brengen bij het Nationaal Archief in Den Haag en toegankelijk te maken voor onderzoek. Zonder de nauwgezetheid en het doorzettingsvermogen van Guus zou dat niet zo voorspoedig zijn verlopen, en zou de inventaris nooit zo grondig en gedetailleerd zijn geworden. Ook tijdens zijn moedig gedragen ziekte heeft Guus zich naar vermogen voor de Stichting ingezet.

Als familie en vanuit onze Stichting zijn we Guus blijvend dankbaar voor al zijn inspanningen.

Onze neef Gustaaf Herman Paulus van Hoogstraten is slechts 50 jaar oud geworden.